dinsdag 26 april 2016

Eyes on the street: Jane Jacobs

Het is alweer tien jaar geleden dat Jane Jacobs, de Amerikaans-Canadese schrijfster, activiste en urbaniste, overleed. Gelukkig wordt volgende week haar 100ste geboortedag groots gevierd met congressen en wandelingen. En terecht, want ze is een goeroe op het gebied van de stadssociologie en heeft de vakwereld van planologen, architecten en geografen op haar kop gezet door te laten zien dat je op meerdere manieren naar een stad, wijk en samenleving kan kijken. Wat haar extra bijzonder maakt, is dat haar gedachtegoed nog altijd springlevend is. Zaken als placemaking, walkable communities, tactical urbanism, spontane stedenbouw, natuurlijke wijkvernieuwing, ‘stad zijn’ (i.p.v. plaats van ‘stad maken’) en het belang van lokale productie (stadslandbouw) en betekenisvolle ontmoetingsplekken liggen allemaal in het verlengde van haar visie op de stad.

New York
In 1934 verhuist Jane Butzner (Jacobs meisjesnaam) naar New York waar ze in haar eerste jaren vooral werkt als stenograaf en freelance journalist over stedelijke onderwerpen. In dit werk ontwikkelt zij haar eerste onvrede met de gangbare stedelijke ontwikkeling. Deze bestaat op dat moment vooral uit functiemenging en de sloop van woongebouwen ten behoeve van kantoren en verkeer. In haar ogen worden hierdoor onnodig de binnenstedelijke gemeenschappen vernietigd/uitgehold en ontstaan geïsoleerde, onnatuurlijke stedelijke ruimten. Het wordt uiteindelijk haar leidmotief: steden zijn er voor mensen (“foot people”) en niet voor auto’s. Ze loopt voorop in demonstraties tegen bureaucraten en stedenbouwers die wilde toekomstplannen hebben met haar eigen wijk (Greenwich Village), dat daardoor niet tegen de vlakte gaat. In 1962 wordt ze voorzitter van de Joint Committee to Stop the Lower Manhattan Expressway dat strijdt tegen de plannen van het hoofd stadsontwikkeling Robert Moses die vooral bekend stond om zijn masterplannen en zijn voorkeur voor snelwegen (i.p.v. openbaar vervoer en voetgangers).