vrijdag 11 maart 2016

De aanhoudende populariteit van grote steden: vraag of aanbod?

Op basis van diverse doorrekeningen (en ingegeven door verschillende ambities) verwachten de gemeente Rotterdam en Den Haag de komende jaren nog flink te groeien. Maar in hoeverre is dit wens of werkelijkheid? En hoe moeten we de cijfers van de diverse prognoses eigenlijk interpreteren? Een artikel over het spelen met cijfers.

In een vorig artikel op dit blog zagen we dat de gemeente Den Haag tussen 2002 en 2015 met circa 4.400 personen per jaar groeide. En dat de gemeente Rotterdam sinds 2008 weer groeit met circa 4.200 personen per jaar. Beide door een geboorteoverschot en een positief buitenlands migratiesaldo. De vraag is of deze groei zich de komende jaren voortzet. Hoewel het nog een maandje wachten is op de nieuwste prognoses van het WoonOnderzoek Nederland (WOoN) zijn beide gemeenten op dit moment al druk in de weer met een nieuwe woonvisie.

woensdag 9 maart 2016

Trek uit de grote stad?

Nederland groeit gestaag door naar 17 miljoen inwoners. En steeds meer Nederlanders wonen in een stedelijk gebied. Steden lijken populairder dan ooit. Eind vorige maand publiceerde het CBS cijfers die meer inzicht geven in deze stedelijke groei. In dit artikel kijken we naar de ontwikkelingen in Rotterdam en Den Haag. Twee steden die allebei druk bezig zijn met een nieuwe woonvisie. 

Steeds meer Nederlanders wonen in een stedelijk gebied. In 1997 woonde nog circa 40% in een (zeer) sterk stedelijk gebied en in 2015 is dat opgelopen tot 48%. De stad groeit (zie o.a. PBL, 2015). Deels heeft dit met het woonbeleid te maken. Na de suburbanisatie en 'gebundelde deconcentratie' in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw kwam vanaf de jaren tachtig de compacte stad-gedachte. De grootschalige woningbouw verplaatste zich van de groeikernen, zoals Zoetermeer en Spijkenisse, weer richting de grote stad. In bijvoorbeeld Den Haag werden de afgelopen twintig jaar per saldo meer dan 33.500 woningen toegevoegd. Vooral op de zogenaamde Vinex-locaties konden gezinnen nu binnen hun eigen stadsgrenzen een eengezinswoning met tuin betrekken. Naast het beschikbare aanbod heeft de groei van de stad ook te maken met de teruggekeerde of toenemende populariteit voor een stedelijke leefomgeving. Mensen willen graag in de nabijheid van werk en voorzieningen wonen. Hoe hebben deze ontwikkelingen hun weerslag op de twee grote steden in Zuid-Holland? Groeien deze steden ook en zo, ja hoe? En aan welke gemeenten verliezen en winnen zij bewoners?

zondag 6 maart 2016

Gebiedsontwikkeling: veranderende perspectieven

Wie gaat de stad vormgeven? Een interessante vraag die in de loop der tijd verschillend wordt beantwoord. Die verschuivende rollen en taken tussen partijen zijn onder andere het gevolg van maatschappelijke ontwikkelingen en schommelingen in (politieke) ideaalbeelden. Vaak gaat het dan over de veranderende verhoudingen tussen overheden, marktpartijen, maatschappelijke organisaties en burgers. Binnen de overheid werd er bijvoorbeeld eerst veel van de markt verwacht (privatisering, marktwerking, professionalisering), terwijl er nu steeds meer wordt gekeken naar de zelfredzaamheid, verantwoordelijkheden en vaardigheden van burgers. Deze verschuivingen in rollen en taken zie je ook bij de ontwikkeling van bestaande of nieuwe gebieden. De integrale, grootschalige, projectmatige werkwijze binnen de klassieke gebiedsontwikkeling past volgens velen niet meer bij de huidige tijd. Het zou juist moeten gaan om een meer organische aanpak van onderop waarbij de (potentiële) kwaliteiten van een gebied worden benut door slimme verbindingen te leggen met de huidige gebruikers. Om deze omslag in denken te kunnen begrijpen, is het van belang om een klein stukje terug in de tijd te gaan. 

De welzijnssector: over schuivende rollen en posities

Wie gaat de stad vormgeven? Een interessante vraag die in de loop der tijd verschillend wordt beantwoord. Die verschuivende rollen en taken tussen partijen zijn onder andere het gevolg van maatschappelijke ontwikkelingen en schommelingen in (politieke) ideaalbeelden. Vaak gaat het dan over de veranderende verhoudingen tussen overheden, marktpartijen, maatschappelijke organisaties en burgers. Binnen de overheid werd er bijvoorbeeld eerst veel van de markt verwacht (privatisering, marktwerking, professionalisering), terwijl er nu steeds meer wordt gekeken naar de zelfredzaamheid, verantwoordelijkheden en vaardigheden van burgers. Mede vanuit bezuinigingsoverwegingen. Terwijl burgers op hun beurt zich steeds meer afvragen wat zij van de overheid en daaraan gelieerde instellingen mogen verwachten. Deze verschuivingen in rollen en taken zie je bijvoorbeeld terug binnen de welzijnssector. Een kort overzicht.

De driehoek: veranderende posities van organisaties

De stad staat voor een groot aantal opgaven op het gebied van onder andere het wonen, onderwijs, integratie, armoede, duurzaamheid en veiligheid. Inhoudelijk gezien zijn dit geen nieuwe thema's, maar wel anders is de vraag wie deze stedelijke vraagstukken gaat oppakken. Gebeurt dat op dezelfde manier als de afgelopen zestig jaar waarbij de traditionele partijen, zoals gemeenten, corporaties, ontwikkelaars en welzijnsinstellingen het voortouw nemen? Zeg maar de ‘geplande stad’ die van bovenaf en met behulp van vooral statistieken en wensbeelden de ruimte en de samenleving probeert te ordenen en vorm te geven? Of ontstaat er een nieuw stedelijk speelveld waarin deze wensbeelden van beleidsmakers meer wordt verweven met de ‘geleefde stad’? Zodat de behoeften, ervaringen en inzet van bewoners en gebruikers meer centraal staan. 

Wie geeft de stad vorm?
Dat deze vraag over het 'wie' meer centraal staat, heeft te maken met zowel een aantal ontwikkelingen binnen de geleefde stad (individualisering, ondernemerschap, netwerksamenleving, nieuwe vormen van bewonersparticipatie) als de geplande stad (bureaucratisering, verzakelijking, bezuinigingen). Door deze ontwikkelingen is er een nieuw stedelijk speelveld aan het ontstaan met nieuwe spelers en andere rolverdelingen, regels en samenwerkingsvormen. Om deze ontwikkelingen meer inzichtelijk te maken, wordt vaak gebruik gemaakt van de driehoek overheid - markt - burger. Drie 'partijen' of perspectieven met elk hun eigen kenmerken, visie, sterktes en zwaktes (Brandsen, Van de Donk & Putters, 2005; Van der Steen e.a., 2014; Kruiter & Van der Zwaard, 2014):

zaterdag 5 maart 2016

Voor de geïnteresseerde lezer...

Stedelijke vraagstukken zijn van alle tijden, maar de laatste jaren staat vooral de vraag centraal wie de stad gaat vormgeven. Gebeurt dat op dezelfde manier als in de afgelopen zestig jaar waarbij de traditionele partijen, zoals gemeenten, corporaties en ontwikkelaars het voortouw nemen? Partijen die van bovenaf en met behulp van vooral statistieken en wensbeelden de ruimte en de samenleving proberen te ordenen? Of ontstaat er een nieuw stedelijk speelveld waarin deze wensbeelden van beleidsmakers meer wordt verweven met de behoeften, ervaringen, potenties en initiatieven van burgers en nieuwe stadsmakers? In de publicatie 'Op zoek naar nieuwe verhoudingen' van de Haagse Hogeschool beschrijf ik op basis van mijn eigen observaties en ervaringen de zoektocht van partijen naar deze nieuwe rol- en taakverdeling. 

Ik heb daarbij mijn ervaringen getoetst aan en aangevuld met hetgeen in de afgelopen jaren over dit thema is geschreven en gezegd. Door het lezen van een groot aantal boeken, tijdschriften en artikelen op websites, door congressen en andere steden te bezoeken, discussies op het internet te volgen en gesprekken aan te gaan met verschillende collega's en partijen elders in het land. Daarmee probeert de publicatie ook een samenvatting en overzicht te geven van de huidige discussies en meest recente inzichten rond dit thema. Voor de geïnteresseerde lezer volgt hieronder een lijst met alle geraadpleegde bronnen.