maandag 17 december 2012

Obama en stedelijk beleid: na het zaaien het oogsten?

In een vorige bijdrage keken we naar de rol en invloed van Amerikaanse presidenten op stedelijk beleid. Daaruit bleek dat het een relatie was van vallen en opstaan en dat er sinds de jaren zeventig geen president meer was geweest die het thema echt durfde op te pakken. President Obama zette het in 2009 wel hoog op zijn lijstje van binnenlandse politiek. Wat is zijn visie en welke resultaten zijn er tot nu toe gehaald? Een terug- en vooruitblik.

Wat vooraf ging
Meer dan een jaar voor de verkiezingen van 2009 beschreef de toenmalige senator al zijn stedelijke aspiraties. Op een conferentie in juni 2008 voor burgemeesters sprak hij zijn wens uit om tot een stedelijk model te komen dat zich richt op grootstedelijke groei in plaats van alleen op binnenstedelijke criminaliteit en armoede: "We need to stop seeing our cities as the problem and start seeing them as the solution. Because strong cities are the building blocks of strong regions, and strong regions are essential for a strong America.” En over de rol van de nationale overheid: “Change comes from the bottom up, not the top down.” […] “The truth is, what our cities need isn’t just a partner. What you need is a partner who knows that the old ways of looking at our cities just won’t do; who knows that our nation and our cities are undergoing a historic transformation.” Dat viel in goede aarde want daarvoor had de burgemeester van Miami, namens de daar aanwezige burgemeesters, net de retorische vraag gesteld of analfabetisme, leerachterstanden, armoede, criminaliteit en gezondheidsproblemen een stedelijk of landelijk probleem zijn: “Washington has lost its values, lost its principles, lost its sense of purpose. They no longer invest in our cities, they no longer invest in our people. Plain and simple, they have abandoned us. They engage in endless debate and partisan bickering, while people throughout this country suffer.”