zaterdag 8 juli 2017

Hoe maak je een levendige, publieke ruimte? Een top 10.


Publieke ruimten zijn er in vele soorten en maten. Pleinen, parken, speeltuinen, winkel- en woonstraten, allen behoren ze tot openbare buitenruimte. Volop te vinden in binnensteden, maar ook daarbuiten. In het groot en in het klein. Ondanks deze diversiteit zijn er wel een aantal factoren die bepalen of een publieke ruimte mensen aantrekt of juist afstoot. In dit artikel een top 10 - op alfabetische volgorde - van zaken die als een checklist kunnen dienen voor het realiseren van een uitnodigende en aantrekkelijke buitenruimte.

vrijdag 17 maart 2017

Hoe om te gaan met stedelijke diversiteit?


In de afgelopen jaren zijn steden diverser dan ooit geworden. Individuen die op het eerste gezicht misschien tot een bepaalde groep behoren, verschillen namelijk enorm qua leefstijl en gedrag. En hoewel ze misschien in dezelfde wijk wonen, hebben ze zeer diverse levens en toekomstperspectieven. Een Europees onderzoeksteam onderzocht hoe steden met deze diversiteit om kunnen gaan en hiervan kunnen profiteren. 

Onder de naam DIVERCITIES onderzochten diverse universiteiten van 2013 tot en met 2017 de diversiteit in 13 Europese steden en in Toronto. Hun stelling is dat diversiteit een aanwinst is voor steden. Het is eerder een kracht dan een last. Het heeft een positief effect op sociale samenhang, emancipatie en ondernemerschap. Beleidsmakers en politici moeten - in hun optiek - meer gebruik gaan maken van de kansen die deze diversiteit met zich meebrengt.
Vorige maand was ik bij de afsluitende conferentie van dit onderzoeksprogramma. Op basis van verschillende uitgaven van het onderzoeksteam (de zogenaamde 'Policy Reviews') heb ik een artikel samengesteld met daarin hun belangrijkste bevindingen en aanbevelingen.
Verder lezen »

vrijdag 20 januari 2017

De erfenis van Obama

De rol en invloed van Amerikaanse presidenten op stedelijk beleid is er altijd eentje geweest van vallen en opstaan. Sinds de jaren zeventig was er geen president meer geweest die het thema echt durfde op te pakken. President Obama zette het in 2009 wel hoog op zijn lijstje van binnenlandse politiek. Wat was zijn visie en welke resultaten zijn gehaald? Een overzicht.
Verder lezen »

zondag 11 december 2016

De vernieuwing van Nieuw-West

De 'Westelijke Tuinsteden', 'Nieuw-West' of 'Parkstad Amsterdam', namen die voor hetzelfde naoorlogse uitbreidingsgebied in Amsterdam worden gebruikt. Het gebied, dat qua omvang en inwonertal vergelijkbaar is met een middelgrote stad, wordt sinds de jaren negentig grootschalig vernieuwd. Diverse onderzoekers gaven al hun mening over dit stadsdeel. In het boek 'Nieuw-West: parkstad of stadswijk' krijgen we ook inzicht in het verhaal achter de cijfers.

Middelgrote stad
Amsterdam Nieuw-West is onderdeel van het Algemeen Uitbreidingsplan van Van Eesteren uit 1933. In de jaren vijftig en zestig voor de vorige eeuw werden hier volgens de principes van die tijd woonwijken gebouwd voor de emanciperende arbeidersklasse. Wonen en werken waren daarbij strict gescheiden.
De stadsuitleg was een antwoord op de woningnood. In korte tijd werden 54.000 woningen, overwegend portiek-etageflats, gebouwd door middel van nieuwe bouwtechnieken (prefab) en door een herhaling van clusters van bouwblokken (stempelbouw). Driekwart van de woningen is onderdeel van de sociale huursector en ruim twee op de drie woningen heeft een oppervlakte van maximaal 60 m2. Wat vrij groot is in die tijd.
Het gebied beslaat de vier voormalige stadsdelen: Osdorp, Geuzenveld/Slotermeer, Slotervaart en een deel van stadsdeel Bos en Lommer. Nu bekend als het stadsdeel Nieuw-West. Op dit moment telt het gebied circa 45.000 woningen en ruim 140.000 inwoners. Qua omvang is het daarmee vergelijkbaar met een middelgrote stad. Ter vergelijking: Leiden (123.000 inwoners) en Zwolle (126.000) zijn kleiner.

woensdag 21 september 2016

De toekomst (en geschiedenis) van de stad

Planoloog, blogger, voormalig ambtenaar en bijzonder hoogleraar Zef Hemel houdt in zijn boek ‘De toekomst van de stad’ een pleidooi voor meer grootstedelijkheid. Een dappere poging die helaas wat blijft hangen in abstracte begrippen en geschiedbeschrijvingen, maar wel een boek oplevert met een mooi overzicht van de grootste stadsdenkers door de eeuwen heen.

Zef Hemel is waarschijnlijk een van de meest belezen personen binnen ons vakgebied. Zijn boekenkast is ronduit indrukwekkend en op zijn lezenswaardige blog publiceert hij bijna dagelijks over stedelijke vraagstukken. Logisch dat mijn verwachtingen hooggespannen waren toen ik begon te lezen in zijn boek ‘De toekomst van de stad; een pleidooi voor de metropool’. En na het inleidende hoofdstuk ging ik er helemaal voor zitten: “Nederlandstalige boeken die een lofzang zingen op de grote stad, bestaan er opvalland genoeg echter nog amper. Doorgaans wordt er hier te lande vooral in zorgelijke termen over grote steden geschreven. Het werd tijd dat er in Nederland eens zo’n positief boek verscheen […] Ik wilde een boek schrijven dat stelling neemt en de boel eens flink opschudt.” En een boek dat “antwoord zou moeten geven op tal vanzelfsprekende vragen. Wat is een stad? Waarom groeien sommige steden? Kunnen megasteden bestaan? Is de stad een oplossing of een probleem? En vooral: hoe kostbaar is grootstedelijkheid?” In de daaropvolgende hoofdstukken komen deze vragen helaas niet allemaal aan de orde. Het boek gaat meer over de geschiedenis van de stad, dan over de toekomst. Ook is er redelijk veel aandacht voor de manieren waarop steden in het verleden zijn tegengewerkt, terwijl ik vooral een verhaal had verwacht over de positieve kanten van de stad.

woensdag 24 augustus 2016

Op zoek naar nieuwe verhoudingen (de publicatie)

Stedelijke vraagstukken zijn van alle tijden, maar de laatste jaren staat vooral de vraag centraal wie de stad gaat vormgeven. Gebeurt dat op dezelfde manier als in de afgelopen zestig jaar waarbij de traditionele partijen, zoals gemeenten, corporaties en ontwikkelaars het voortouw nemen? Partijen die van bovenaf en met behulp van vooral statistieken en wensbeelden de ruimte en de samenleving proberen te ordenen? Of ontstaat er een nieuw stedelijk speelveld waarin deze wensbeelden van beleidsmakers meer wordt verweven met de behoeften, ervaringen, potenties en initiatieven van burgers en nieuwe stadsmakers? In de publicatie 'Op zoek naar nieuwe verhoudingen' van de Haagse Hogeschool (Lectoraat Grootstedelijke Ontwikkeling) beschrijf ik op basis van mijn eigen observaties en ervaringen de zoektocht van partijen naar deze nieuwe rol- en taakverdeling. In dit artikel een samenvatting en verwijzingen naar leestips.

Geplande - geleefde stad
Binnen het stedelijk speelveld is er een bepaalde spanning tussen aan de ene kant de wensbeelden en werkwijzen van overheden, planners en beleidsmakers en aan de andere kant de dagelijkse werkelijkheid van burgers. Tussen beleidsmakers die werkinstructies schrijven (‘hoe het zou moeten’) en de uitvoerders (‘hoe het daadwerkelijk werkt’). Het is ‘de stad zoals die wordt gemaakt en bedacht’ tegenover ‘de stad zoals die wordt beleefd, ervaren en ingevuld’. Dat is wat in de publicatie (en op dit blog) wordt bedoeld met de spanning tussen de geplande en geleefde stad.

maandag 27 juni 2016

Geprivatiseerde openbare ruimte: vloek of zegen?

In steeds meer steden is de openbare ruimte in handen van bedrijven. Deze zogenaamde 'Privately Owned Public Spaces' (POPS) zijn bijzondere openbare ruimten die toegankelijk zijn voor het publiek, terwijl ze wel in het bezit zijn van ondernemingen die hun eigen regels kunnen opstellen. Wat zijn de ervaringen in Toronto, New York en Londen? En de hoofdvraag: wat zijn de voor- en nadelen?
Verder lezen »

zaterdag 4 juni 2016

Van de nood een deugd maken: bestrijding winkelleegstand

Binnen de gebiedsontwikkeling wordt nog wel eens getwijfeld of de tijd van grootschalige nieuwbouwplannen echt voorbij is of dat we ons in een ‘tussentijd’ bevinden. Binnen de detailhandel is die onzekerheid er niet. Er is op dit moment simpelweg teveel winkeloppervlak ten opzichte van de vraag. Duidelijk zichtbaar in veel steden door de leegstaande winkels. Allerlei partijen zijn nu op zoek naar manieren om die gaten op te vullen. Door bijvoorbeeld het mengen van functies, deregulering, belastingen en door tijdelijke huurcontracten. 

Economische voorspoed
In de jaren negentig van de vorige eeuw hadden veel steden ambitieuze nieuwbouwplannen dankzij de economische voorspoed en het neoliberale denken. Steden waren bang om zowel nationaal als internationaal de slag te verliezen en wilden daardoor actief en risicodragend investeren in woningbouw, detailhandel en kantoren. Overheden, corporaties en marktpartijen investeerden er flink op los. Een flink aantal grootschalige, ingrijpende stedelijke ontwikkelingsopgaven waren het gevolg van dit 'groeidenken'. Dit had ook zijn weerslag op de detailhandel. Naast een groei van het aantal winkels door functieverandering en door nieuwbouw op inbreidingslocaties werd het vloeroppervlak ook vergroot door de bouw van grote (overdekte) winkelcentra (o.a. Rotterdam Alexandrium, MegaStores Den Haag, Woonmall Villa ArenA of over de grens: CentrO in Oberhausen en Wijnegem in Antwerpen).